How big is Canes Venatici I-dwergstelsel?
34 trillón kilómetros!
Het Canes Venatici I-dwergstelsel is een zwak dwergstelsel dat om de Melkweg draait, op ongeveer 710.000 lichtjaar van de Aarde in het sterrenbeeld Jachthonden. Een lichtjaar is de afstand die licht in één jaar aflegt, ongeveer 9,46 biljoen kilometer. De helft van het sterlicht van het sterrenstelsel komt uit een ovaal gebied van ongeveer 3.600 lichtjaar lang. De zwakste sterren strekken zich uit over ongeveer 6.500 lichtjaar.
Een dwergstelsel heeft geen scherpe rand, dus geven astronomen vaak de halflichtstraal: de afstand tot het centrum waarbinnen de helft van het licht zit. Het team dat het sterrenstelsel in 2006 ontdekte, mat een halflichtstraal van ongeveer 8,5 boogminuten aan de hemel, waarbij een boogminuut een zestigste van een graad is.
Op een afstand van ongeveer 220.000 parsec, waarbij een parsec ongeveer 3,26 lichtjaar is, komt dat neer op ongeveer 550 parsec. De helft van het licht komt dus uit een gebied van ongeveer 1.100 parsec, oftewel 3.600 lichtjaar, lang. Een catalogus van nabije dwergstelsels uit 2012 geeft een vergelijkbare straal: 564 parsec.
Het sterrenstelsel is niet rond. Het gebied waaruit de helft van het licht komt, is een ovaal dat ongeveer drie vijfde zo breed is als lang, ongeveer 2.200 lichtjaar breed.
De ontdekkers volgden de sterren over ongeveer 2.000 parsec (6.500 lichtjaar) langs de lange as. Daarmee was het destijds een van de grootste bekende dwergsferoïdale sterrenstelsels rond de Melkweg. Een onderzoek uit 2008 mat de afstand nauwkeuriger: 218.000 parsec, ongeveer 710.000 lichtjaar.
De sterren van het sterrenstelsel staan zo ijl verspreid en het staat zo ver weg dat het tot 2006 onopgemerkt bleef. Astronomen vonden het toen als een lichte overmaat aan sterren op beelden van de Sloan Digital Sky Survey.
Destijds waren er maar tien dwergsferoïdale sterrenstelsels bekend die om de Melkweg draaien. Een dwergsferoïdaal sterrenstelsel is een klein, afgerond sterrenstelsel met een zeer zwakke gloed. De ontdekkers merkten op dat de vondst van zo'n zwak sterrenstelsel deed vermoeden dat er nog meer te vinden waren.
De meeste sterren van het sterrenstelsel zijn meer dan 10 miljard jaar oud. Ze bevatten heel weinig ijzer: in verhouding tot hun waterstof ongeveer een honderdste zoveel als de Zon.
Een onderzoek uit 2008 met de Large Binocular Telescope vond een tweede, veel jongere groep sterren van ongeveer 1,4–2 miljard jaar oud. Deze sterren bevatten ongeveer drie keer zoveel ijzer als de oude sterren en staan dichter opeengepakt naar het centrum toe. Ze vormen slechts 3–5 procent van de massa van de sterren binnen de halflichtstraal.